Deze beroemde Rood-blauwe leunstoel van Gerrit Rietveld was ooit eigendom van de ontwerper en kunstpaus Benno Premsela. Hij bestelde hem in 1961 bij Rietvelds vaste meubelmaker. Elk designmuseum in de wereld wil zo’n stoel, want geen object verbeeldt zo goed en kernachtig de moderne tijd. Deze stoel is in ruim een eeuw uitgegroeid tot een icoon. Er is meer naar gekeken dan op gezeten. Begonnen als een onbegrepen avant garde object werd de stoel, door mensen als Premsela, na de tweede wereldoorlog ingezet als een symbool, dat zou kunnen bijdragen aan een betere wereld.
Maar weinig mensen bezaten daadwerkelijk thuis zo’n stoel, lange tijd was hij vooral een beroemd conversation piece en slechts te vinden in musea en dure winkels, in tijdschriften en boeken. Allerlei stoelen, maar ook vazen en lampen, zijn in de afgelopen jaren de dragers van de discussie over design geweest. Bij de stoel van Rietveld voegden zich zo de stoelen van beroemde ontwerpers als Castiglioni, Eames en Grcic. Maar de tijd dat we onze veranderende wereld verbeeldden met innovatieve stoelen is voorbij. De Rood-blauwe leunstoel is terecht beroemd en vraagt de aandacht, maar we gebruiken hem om in ons museum de nieuwe ontwerpcultuur te introduceren. In Design Museum Den Bosch vind je daarom verder weinig stoelen, vazen en lampen, maar liever auto’s, sneakers en telefoons.